Maar misschien is het leuk om wat te vertellen over de kleine ongemakken die je tegenkomt als het -20 is en je in een campertje woont. Een campertje uit ‘86 want je hebt tegenwoordig campers die zijn luxer dan een woning. Als eerste de vloer. Als het -20 is is de vloer ook -20, misschien wel -30 zo voelt het iig. Kijk, ik ben zo iemand die sokken en schoenen echt ondingen vind, liefst loop ik elke dag op slippers. Mijn voeten zijn dan ook eigenlijk nooit koud maar ik moet bekennen bij -30 wel. En hoe! Dan zou je sokken aan kunnen doen voordat je uit je bed stapt maar geloof me, sokken hebben weinig zin bij -20.
Wat ook een avontuur is is jezelf wassen. Waar ik nu sta is geen douche, er is helemaal geen water. Ik werk met pakken water die ik (met gevaar voor eigen leven vanwege het niet dragen van een mondvod) koop in de supermarkt. Normaal is dat niet erg, je maakt wat water warm in de ketel, hop in een teiltje en lekker poedelen. Er zitten nou eenmaal delen aan je lichaam die dat wel nodig hebben. Maar binnen in mijn campertje kan dat niet, ik sta dan buiten in de deuropening met het teiltje ernaast. Tis me nu 2x gebeurt dat het teiltje met warm water omviel voordat ik mezelf erin kon poedelen, ik hoop dat de camping snel weer open is want 3x is scheepsrecht.
Koken is ook niet fijn als het -20 is. De afgelopen dagen heb ik dan ook schraal gegeten. Aangezien ik veel aan het lezen ben over paarden en ezels heb ik geleerd wat dat is. Een ezel moet je heel schraal laten eten, wat verdord gras en wat takken, that’s it. Nou heb ik wel wat meer gegeten dan verdord gras maar ik kan niet wachten tot ik weer lekker kan koken. Ik heb vooral zin in een lekkere stoofpot, of een overheerlijke goed gevulde goulash, zodra ik er weer sta meld ik het! Komen jullie dan bij me eten?










